Body en Soul


Body en Soul

Ja, ik heb hem gekocht, de nieuwe Haper’s  Bazaar, de eerste Nederlandse editie. Waarom? Tja, in eerste instantie door de reclame in de media die er over verschenen is. Hebben, dacht ik, iets nieuws op de markt. En goed hoor, zo’n papieren versie.

Het is me alleen een raadsel dat ondanks de concurrentie van bladen op internet, de uitgever voor zo een onhandzaam formaat heeft gekozen. Veel te groot, niet om te vouwen en hoe triviaal: te zwaar! Leest niet lekker.

En charmante Cecile, de hoofdredactrice. Kan goed uit haar woorden komen. En schrijft het ook fijn op. Jammer dat ze in zo’n keurslijf zit van het moederconcern. Het eerste nummer is eigenlijk een geschiedenisles. Fijn natuurlijk, maar is mode niet verbonden met de toekomst?

Waarom lezen we zo’n blad? Waarom kijken we uit naar onze glossy en pakken we met trillende handjes de Linda uit de brievenbus? Ik heb het niet ontrafeld. Geef ik om mode? Nee. Vind ik het leuk om in andermans kast te kijken? Ja. Ben ik geïnteresseerd in de soms banale inspiratiebronnen van de ontwerpers? Nee. Ben ik überhaupt belangstellend naar psychedelische kleuren op kunstwerken die modellen wel aanhebben maar die in niks op kleding lijken? Nee. Wil ik me aan de waan van de dag onttrekken? Een beetje.

Zou het hetzelfde werken als de illusie die we graag kopen in de duurdere parfumerie? Ik denk het. Ik vind het af en toe heerlijk die illusie te kopen. Ik geniet van het moment iets duurs te kopen hoewel de inkoopsprijs vele malen lager ligt. Ik vind het ook leuk om dingen te zien die onbereikbaar voor mij zijn. Maar het allermooist is de manier waarop daar over geschreven wordt: bloedserieus. Daar geniet ik van. Verwennerijtje voor Body en Soul.

Camino

 

ZomerCamp

ZomerCamp

Lekker, dat nazomeren! Je proeft wel dat het al bijna herfst is. Rondwaaiende blaadjes, de lichtval die alles zo beschijnt, dat je weet, ook al zou je geen tijdsbesef hebben, dat het seizoen na de zomer begonnen is.

Nee, dan de zomer! Dit jaar goed begonnen, maar augustus viel tegen. Althans, in Nederland. Het gebied waar wij zaten, had mooi weer. Dit jaar kozen we voor een camping. Hoewel ik alles wat met camperen te maken heeft, eigenlijk verfoei. Vakantie is lekker, desalniettemin verzet een deel van mij zich toch altijd tegen het verplaatsen van je huishouden naar een beperktere oppervlakte dan dat je gewend bent. Reizen en vakantie zijn natuurlijk wel een manier om cultuur of natuur te zien die je in je eigen omgeving niet hebt en dat is mooi en verruimt je blik. Maar ik kan er tocht niet aan wennen dat je dan weer terug bent op je vakantieadres waar alles kleiner is.

Neem de gasten van de camping. Want natuurlijk zijn we een paar daagjes niet aan het cultuur- en natuurproeven geweest. Het moet per slot van rekening toch vakantie blijven. En er dienen boeken uitgelezen te worden of geluierd. De kinderen konden hun vreugde niet verbergen: de hele dag met nieuwe vrienden spelen, praten, zijn. ’s Avonds hebben we ze van het voetbalveld geplukt. Onbezonnen kon ik me dus overgeven aan het wandelen over de camping (een heel legitieme bezigheid, ervoer ik) of vanuit mijn luie stoel collega campeerders bespieden.

En wat een feest! Ouders met kleine kinderen die met een piepklein tentje en dito zwembadje voor de tent gelukkig worstjes op een lage kleine barbecue roosteren. Lekker buiten! Ander ouders lopen over de camping op zoek naar gelijkgestemden qua campingbeleving en daar uren over kunnen praten om alles te delen: van het soort tentdoek tot d beste manier van afwassen. Hoewel er veel moderns op de camping is bijgekomen, klinkt het Mepalservies in de afwasruimte nog steeds hetzelfde als veertig jaar geleden.

Verbaasd was ik wel over mensen die dol zijn op camperen maar op een soort van hightech campingplaats wonen (bivakkeren is hier echt misplaatst!). Een schotelantenne, wifi, een heuse schottelbraai (elektrisch) en HD-TV. Als je zo van luxe houdt, waarom zou je dat dan te midden van zovelen willen etaleren op de vierkante meter?

Ik kon er wel van genieten hoor, het geluk van anderen. Omdat ik zelfs de meest luxueuze stacaravan nog klein vond, blijft de camping gewoon bij een experiment. Het was wel een leerzaam lesje in relativiteit: in een stacaravan op een camping, ben je een soort outcast.

Camino